Auteurs

Gerardo Soto y Koelemeijer

Foto: Jostijn Ligtvoet Fotografie – www.jostijnligtvoet.nl

Gerardo Soto y Koelemeijer (1975) studeerde wiskunde in Delft en literatuurwetenschap in Leiden. In 2003 promoveerde hij in Delft in de wiskunde. Hij schreef eerder eerder Armelia (2006, Nieuw Amsterdam), De gestolen kinderen  (2013, Nieuw Amsterdam), Wiskundigen mogen niet huilen (2015, AUP) en Wie is er bang voor wiskunde? (2018, AUP). Hij werkt als docent wiskunde op het Stedelijk Gymnasium Leiden, waar hij voornamelijk lesgeeft in de bovenbouw, en als postdoc in samenwerking met de Universiteit van Leiden waar hij onderzoek doet op het gebied van wiskundedidactiek. Hij schrijft regelmatig in Euclides, het vakblad voor wiskundeleraren, en wordt regelmatig gevraagd voor lezingen op congressen over (wiskunde) en onderwijs. In zijn vrije tijd werkt hij aan een biografie van de hispanist prof. dr. G.J. Geers. Vanaf juni 2019 is hij zijn eigen uitgeverij begonnen: Uitgeverij Anabasis.

De (max,+)-algebra

De symbolen + en × zijn bedacht door mensen. Maar wat als we die symbolen nu een andere betekenis geven? Wat als de keer een optelling wordt en de plus het maximum van twee getallen? Kunnen we dan nog wiskunde bedrijven of raakt de wiskunde dan ontspoord? Het blijkt dat we op deze manier een nieuwe algebra hebben ontwikkeld, waarin alles net wat anders werkt dan in de gewone algebra. En met deze nieuwe algebra, de (max,+)-algebra, kunnen we, met behulp van matrices, een dienstregeling ontwerpen voor bijvoorbeeld een treinnetwerk. Ga je mee op reis? Epsilon Uitgaven – Zebra-reeks 53, oktober 2018, 68p.

Wie is er bang voor wiskunde?

In Wie is er bang voor wiskunde? laat Soto y Koelemeijer zien dat wiskunde een bloeiende en veelzijdige wetenschap is, met vele raakvlakken met andere disciplines. Zo gebruikt hij in een van de hoofdstukken de aard van het wiskundig bewijs om te illustreren hoe wiskunde in de loop der eeuwen is veranderd. In een ander deel wordt het levensverhaal opgetekend van Terence Tao, de ‘Mozart of Math’. Zijn werk heeft het menselijk denken blijvend beïnvloed. Zelfs dit genie zegt dat hard werken belangrijker is dan talent. En voor mensen die ooit een angst voor wiskunde hebben ontwikkeld: geen paniek! Ook dit probleem wordt erkend, maar Soto y Koelemeijer geeft tips om deze angst te overwinnen. AUP, juni 2018, 180 p.

Wiskundigen mogen niet huilen

Hebben baby’s al getalbegrip en hoe zouden we daar achter kunnen komen? Wanneer werden de eerste getallen geïntroduceerd? Kunnen we op de middelbare school niet zonder wiskunde? En wat is wiskunde eigenlijk? Wiskundigen mogen niet huilen van romanschrijver en wiskundige Gerardo Soto y Koelemeijer is een wiskundeboek zonder formules, vergelijkingen of bewijzen. In dit boek vol prikkelende verhalen en essays neemt de grootste schaker aller tijden, Bobby Fischer, het op tegen de minstens zo talentvolle wiskundige Alexander Grothendieck. De Britse wiskundige Andrew Wiles, die het vermoeden van Fermat bewees, voert een strijd met voetballer Diego Maradona waarbij de vele parallellen in hun levensverhalen worden uitgelicht.

Wiskundigen mogen niet huilen is een verrukkelijke verzameling essays over wiskunde, geschreven met een filosofische blik. AUP, november 2015, 141 p.

De gestolen kinderen

Miguels rustige leven in een klein dorp niet ver van Salamanca verandert in één klap als hij op een dag een brief ontvangt van zijn tante. Zij draagt een geheim met zich mee dat te groot is om mee haar graf in te nemen: Miguel is geadopteerd. Miguels ouders hebben hier nooit ook maar met een woord over gesproken. Samen met zijn vriend Álvaro, archeoloog en amateurhistoricus, probeert Miguel zijn geschiedenis te reconstrueren. Álvaro krijgt het vermoeden dat Miguel een van de “gestolen kinderen” is. Langzaam ontdekt Miguel hoe een groot netwerk van Franco-aanhangers decennialang vele tienduizenden kinderen bij hun ouders heeft weggehaald. Zou hij daartoe behoren? Waarom zouden zijn ouders daaraan hebben meegewerkt? Hoe vindt hij ooit zijn biologische ouders terug?
Nieuw Amsterdam, augustus 2013, 256 p.

Armelia

‘Na wat er op 17 augustus 1936 was gebeurd, was alles mogelijk.’ Zo begint het verhaal over het geboortedorp van de vader van de verteller in de Spaanse regio Extremadura. Centraal staan de kleurrijke en door iedereen geliefde Armelia en haar familie, die langzaam ontwricht raakt door de dreiging van een burgeroorlog. De lezer maakt kennis met vele kleurrijke personages: Filomena, de mater familias die in de toekomst kan kijken en communiceert met de doden; don Emilio, vermoedelijk de lelijkste pastoor die Spanje ooit gekend heeft; Mercedes, het engelenkind dat geboren wordt in een plas van bloed; en Vuelta, de haan die sinds het pensioen van zijn baas de slaap niet meer kan vatten. Hun wonderlijke levens nemen een dramatische wending als op 17 augustus 1936 de oorlog niet alleen de grote steden in Spanje blijkt te bezoeken, maar zijn klauwen ook naar de dorpen uitslaat.
Nieuw Amsterdam, augustus 2006, 272 p.